Posts tonen met het label Zweden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Zweden. Alle posts tonen

zaterdag 19 juni 2021

Twintig

Het duurde even voordat hij toehapte. 
Wat moest hij met die moeder van twee kinderen? Kinderen die ook nog eens rondliepen op de school waar hij meester was. Een moeder, zes jaar ouder dan hij, met een verleden dat niet altijd even prettig aanwezig was in het dagelijks bestaan. Hij, nog niet zolang uit een relatie en eindelijk weer een echte woning voor zichzelf.

Al was de verliefdheid groot, de nuchterheid won het van de mooie gevoelens. Want toen hij toehapte, duurde het nog eens zes jaar voordat hij de stap naar samenwonen durfde te zetten.
Samen in een nieuwe stad, een beslissing die niet bij iedereen in goede aarde viel. 

Nee, het ging zeker niet over rozen, die eerste jaren. We hadden wel wat hobbels te nemen. 
Maar we namen ze. En stukje bij beetje vonden we de modus en vormden we een nieuwe eenheid. Zonder te vergeten waar we vandaan kwamen.

De kinderen groeiden op. Hij groeide in zijn rol van bonusvader. Ik liet wat meer los.


De kinderen vlogen uit. Wij maakten mooie reizen naar het Noorden, want hij ging mee in mijn enthousiasme en gunde mij mijn Astrid Lindgren-obsessie. Hij wachtte geduldig op een rots aan de Zweedse scherenkust en dacht na over de planten in de tuin, terwijl ik de voetsporen van Pippi zocht. Maar we reden ook honderd kilometer om, op zoek naar een oorlogsmuseumpje op het platteland van Letland. Want ook hij had zijn obsessies. 
We gaven en namen.

We trouwden niet. Waarom zou je, als je het zo goed hebt met elkaar? Elkaar steunt in lief en leed, want dat laatste kwam meer dan genoeg op ons pad de afgelopen jaren. 

Ik mag hem mijn man noemen. En hij mij zijn vrouw. Mijn twee kinderen zijn onze twee kinderen geworden. Over een paar dagen is het twintig jaar geleden dat hij eindelijk toehapte, en ik mijn eerste kus kreeg op het Museumplein, midden in de nacht. 

Wat houd ik veel van hem, mijn Friese rots in de Randstedelijke branding.

zaterdag 5 juni 2021

Het land der herinneringen

De zomer staat voor de deur. We gaan niet op vakantie. We hebben redenen genoeg.

We willen in de buurt zijn als het onvermijdelijke gebeurt.
We hebben net een nieuwe kat.
We sparen voor een nieuwe keuken.

En ach, de onzekerheid of we veilig kunnen reizen naar en verblijven in mijn dierbare Zweden is sowieso groot.


Het is niet erg.

We hebben een heerlijk huis en een heerlijke tuin. Er liggen stapels ongelezen boeken en niet-beluisterde podcasts klaar. Plannen om uit te werken, een verhaal om af te schrijven. 
We proberen te genieten in afwachting van dat ene telefoontje.

Deze zomer reis ik af naar het land der herinneringen in mijn hoofd.

.







zaterdag 8 mei 2021

Liefdescompost

Precies op de dag dat het vijf jaar geleden was dat we afscheid namen van de vader van mijn kinderen, keek ik naar mijn eerste online uitvaart. Twee dagen ervoor waren we als klasje van de Zweedse les langs de kist van onze lieve medecursist gelopen en moesten we onhandig, op anderhalve meter afstand, zijn nabestaanden condoleren. Ook zijn vrouw behoorde tot ons klasje.

Nu keek ik naar het koude scherm van mijn laptop, waar desondanks de liefde van afspatte. Er werd gesproken, ook door zijn vrouw. Ze vertelde ons dat er prikkels nodig waren om te herinneren. Dat ze net voor zijn dood een magnolia had gekocht, en dat ze hem had beloofd deze te planten in de voortuin van hun huis in Zweden. Het huis waar ik twee jaar geleden, samen met zoon X., voor de lunch werd uitgenodigd. Waar we garnalen en zalm op tunnbröd aten en een glas witte wijn dronken.





De boom zou haar en anderen aan hem doen herinneren. Want dat was de plek waar hij was en woonde. Van alle bloemen die de afgelopen week waren gegeven en nog gegeven zouden worden ging ze liefdescompost maken.

Al onze herinneringen zouden samenkomen in die magnolia, en zijn nagedachtenis blijven voeden. 

Hej då, kära C. Vi ses!


zaterdag 10 april 2021

Kill your darlings

Stoppen met iets waar je lol in hebt, dat doe je niet voor je plezier. 

Ergens in december stopte ik met de Zweedse les. Het seizoen was in september begonnen, en eigenlijk had ik stiekem al een beetje gehoopt dat het vanwege de coronamaatregelen helemaal niet van start zou gaan. Geef dat maar eens toe. Twee leergangen had ik al doorlopen, er was een leuk clubje mensen overgebleven dat net als ik verzot was op Zweden, Zweedse koekjes, Zweedse huisjes en Zweedse series. Dan gingen we toch gewoon door met Zweeds III?

Mijn omgeving hielp me er regelmatig aan herinneren dat ik veel tegelijk deed. Té veel tegelijk deed. Nu voelde ik het zelf ook. Het boek waaraan ik schreef vorderde gestaag, maar ik had ook nog een baan, een huishouden en familie waar ik tijd en aandacht aan wilde besteden. Als ik mijn schrijfavontuur tot een goed einde wilde brengen was er meer nodig. Meer tijd, maar vooral meer focus. Als ik in mijn verhaal wilde wonen moest dat niet verstoord worden door grammaticaoefeningen en nog een paar pagina's uit Kaffe med rån, het boek dat we gezamenlijk lazen.

Ik hakte de knoop door. Eerst voor mezelf, om aan het idee te wennen. Toen kondigde ik het aan bij de juf. Ojee, dit zag ik niet aankomen! was haar reactie. De rest van de cursisten vond het ook jammer maar reageerde begripvol.  Ik haalde mijn boeken uit de cursustas en zette ze in de kast. Er viel een last van mijn schouders.



Maar toch. Was het nou niet zonde om op dit punt te stoppen? Net nu ik het lef had om bij de servicebalie om postzegels te vragen (ja, voor het buitenland), in ett konditori thee met kaneelbroodjes te bestellen of de buurvrouw van het vakantiehuis te vertellen wie we waren en wanneer we weer naar huis gingen? 

Betekent het einde van de cursus ook het einde van onze bijna jaarlijkse tripjes naar Zweden? Ik kan het mij niet voorstellen. 
Wie moet er anders voor zorgen dat mijn collectie dropzakjes op peil blijft?

zaterdag 13 maart 2021

De steen


Er lagen er genoeg, daar in Småland. Stenen in alle soorten en maten.  Ze lagen er misschien al eeuwen. Ze waren te groot, te zwaar om uit de grond te krijgen en inmiddels overwoekerd door mossoorten in alle vormen en kleuren.  

In de verte zagen we de muurtjes die gebouwd waren met de nog net te hanteren exemplaren. Boeren hadden de met stenen bezaaide bodem tevergeefs getracht te bewerken tot landbouwgrond. Uiteindelijk dreef honger en armoede honderdduizenden Zweden in de tweede helft van de negentiende eeuw naar Amerika. De emigranten.
In een radioprogramma vertelde een dichter over haar traumatische jeugd. Aan de psychiater had ze gevraagd hoe ze het ooit verwerkt moest krijgen. 
'Niet,' had hij geantwoord. 'Dat moet je ook helemaal niet willen. Je moet weer verliefd kunnen worden op het leven. Je moet het zien als een rotsblok in een rivier, waar geen water meer langs kan. Dan moet je niet het rotsblok proberen weg te krijgen, maar te zorgen voor meer aanvoer van water.'

woensdag 29 augustus 2018

Lagom

Het leek of de tijd had stilgestaan. Dertig, veertig, misschien wel vijftig jaar. 

Hoge naaldbomen, bultrotsen die uit het water oprijzen. 
Her en der liggen mensen op een handdoek. 
Gezinnen zitten rond een koelbox, drinken limonade en eten een boterham met tevredenheid. 
Kinderen spelen met elkaar zonder ruzie te maken. 
Een oudere dame staat tot haar knieën in het water en houdt angstvallig haar jurk omhoog. 
Twee meisjes voeren de tamme eenden.
Bij de houten kiosk zijn alleen broodjes worst te koop.
Kinderen klauteren de rotsen op en worden teruggeroepen door hun moeder.
Tassen liggen onbeheerd in het gras of op het strandje.
Nergens is muziek te horen.

Is dit wat de Zweden bedoelen met lagom, het levensmotto dat alles mooier kan maken?
Niet teveel, niet te weinig. Precies goed.




Het hoeft allemaal niet zo luxe, je mag er best een beetje moeite voor moeten doen.
Maar: te spartaans hoeft nou ook weer niet. 
Want een klein beetje bladgoud blijft bladgoud. 

En dus stappen we allemaal aan het eind van deze prachtige dag in onze auto's.



woensdag 17 mei 2017

Inhaalfuifje

Er waren ballonnen, blauw en geel. Zweedse vlaggen aan de muur en op bierviltjes, T-shirts en stickers. Posters van scandicnoir-series met mijn hoofd erin geshopt door hem die altijd beweert niet te kunnen photoshoppen.
Een getimmerde installatie met een op kunstige wijze geschilderde Pippi in winteroutfit, meneer Nilsson op haar schouder. Op de plaats van haar gezicht een gat waar mijn gasten hun gezicht doorheen konden steken en laten fotograferen.
Er waren Vikingmannen en Vikingvrouwen. Er was een mooie speech van de Opperviking, over en voor mij.  Er werden (drink)liederen gezongen.
Er was veel familie met aanhang, er waren vrienden en collega's. Ze kwamen uit het hele land, en zelfs van ver voorbij de grenzen.
Er waren muzikanten. Mijn zoon speelde een ontroerende melodie op zijn basgitaar, begeleid op percussie door de voormalige bandleden van zijn vaders band. Mijn dochter zong. De Senegalese neef uit Malmö danste.
Er was een DJ, die wonderbaarlijk genoeg een geheel wist te maken van mijn breed uitwaaierende muzieksmaak.
Tenslotte was er een polonaise, waarbij de ontmantelde Pippi-Sarah een hoofdrol speelde.


Ik gaf een inhaalfuifje, in mijn groenblauwe panterjurk.
Voor het vieren van mijn vijftigste verjaardag was vorig jaar geen ruimte in mijn hoofd en in mijn hart. Dus deden we het nu, vlak voor de volgende verjaardag zich aandiende. Ik had het haar beloofd.

Er was vooral veel kärlek. Liefde voor hen die er waren, en voor hen die er niet meer waren.

woensdag 22 februari 2017

Verborgen schatten

Opeens kwam ik de gedroogde bloemetjes weer tegen, beschermd door keukenpapier en zorgvuldig opgeborgen in de doos met spulletjes uit mijn Pippi-verzameling die niet groot genoeg zijn om te kunnen staan. Een zekere logica voor de opbergplaats was er wel, want de bloemetjes had ik geplukt op Gotland, het eiland voor de Zweedse kust waar een groot deel van de Pippi-films is opgenomen.
Waar ik in haar sporen door Brunnsporten liep, de poort waar Pippi op Kleine Witje het middeleeuwse  stadje Visby binnenreed. Waar we de oorspronkelijke plek van Villa Kakelbont zagen, maar waar we niet, om het beeld zuiver te houden, naar pretpark Kneippbyn gingen waar de villa nu staat.


Waar we boven op de Lummelunda grotten liepen, waar Pippi zich met Tommy en Annika schuilhield. Waar we op het strand van Tofta lagen, en ik in mijn verbeelding het piratenschip van Bloed-Sven en Messen-Jochem zag komen aanvaren. Waar we door de schilderachtige straatjes met de ontelbare stokrozen wandelde, waar Pippi fietste met alleen een stuur in handen. Waar we omhoog keken naar de daken van de huizen op Klinttorget, het pleintje waar bijna vijftig jaar eerder een touw gespannen was en Pippi haar circuskunstjes deed. Waar we de torenspits van het kerkje zagen waaraan de luchtballon bleef haken.

De bloemetjes en grassen zijn aardig ingedroogd. Aan de hand van afbeeldingen op een Zweedse website die is gewijd aan Gotlands flora kan ik er met moeite een aantal herkennen. Misschien dat Carl von Linné, die als plantkundige veel van zijn tijd besteedde aan het in kaart brengen van de Zweedse flora, zich omdraait in zijn graf, maar ik heb mijn verborgen schatten een naam kunnen geven.

zaterdag 4 februari 2017

Fika

Er was net een nieuw Zweeds koffietentje in Amsterdam geopend en ik zocht nog een locatie voor een lunchafspraak met vriendin C. Een plus een is twee.
Ik verheugde me, behalve op het weerzien met C., enorm op de zoete lekkernijen waar de Zweden om bekend staan: kanelbullar, lussebullar, kärleksmums, semlor, kladdkaka. Het scandinavisch ingerichte zaakje was gezellig druk: veel mannen met baarden en mutsen, veel baby's en peuters die verplicht de zondagmiddag buitenshuis doorbrachten met hun hippe ouders in de hippe BoLo, dat vroeger gewoon de Bos en Lommer heette.
We bestelden onze lunch. Salade en brood met warmgerookte zalm, want de gravlax was helaas al op. We praatten bij over familie en vrienden, lief en leed. Het werd zo druk dat het even duurde voordat we onze bestelling kregen, en het personeel holde, nog altijd vriendelijk lachend, steeds harder door de zaak. Ze hadden duidelijk niet gerekend op deze stormloop.


Nu was dan het moment gekomen dat we ons konden gaan storten op een zoete afsluiting. Tuvärr, helaas, alle taartjes, al het gebak was op. Er waren alleen nog wat chocolade-havermoutballetjes. Nou graag. We kregen er allebei een op een schoteltje.
Toen ik had afgerekend en we onze jassen aantrokken werd er een schaal ovenverse, met spijs en slagroom gevulde semlor op de toonbank neergezet. Tuvärr.


zaterdag 10 september 2016


De sleutel is zoek


Of we wellicht per ongeluk de sleutel van het vakantiehuis mee naar huis hebben genomen, of dat we deze ergens in het huis hebben achtergelaten?
Vroeg de salesdame van de huisjesverhuurorganisatie per mail, namens de collega ter plaatse.

Nee, écht niet, al had ik ons huisje op het eiland aan de scherenkust boven Stockholm, met het  fabelachtige uitzicht over de Oostzee, best in mijn bezit willen hebben. Wat een stilte. Soms louterend, soms oorverdovend. Wat een landschap, met rotsen die als gigantische eieren uit het kristalheldere water opduiken en in combinatie met de perzikroze zonsondergangen voor schilderachtige plaatjes zorgen. Wat een fantastisch assortiment bij de ICA, de Zweedse AH zeg maar.
 
 

(Maar, mevrouw, ik heb wel per ongeluk de Husmoderns Köksalmanak 1966 in mijn koffer gestopt, toen M. even niet keek. Maar dat merkt toch niemand, dat ene boek uit die ongeorganiseerde stapel, die als een schat tevoorschijn kwam achter de schuifdeurtjes van het houten televisiemeubel uit de jaren ’60. Tussen het levensverhaal van de Heilige Birgitta, diverse Bijbels, een heel oude druk van de bakklassieker Sju sorters kakor (Zeven soorten koekjes) en heel veel Zweedse romans en spännande böcker. Soms heb je recht op iets, hè. Als je geboortejaar erop staat bijvoorbeeld.)